De warming up

De warming up is een belangrijk onderdeel van je training én voor je sportieve doelen.
Los van het feit dat je er het risico op vervelende blessures mee kunt verminderen, kan het ook je sportieve prestaties verbeteren.

Het wat en waarom van de warming up

De functie en prestatie van onze spieren kunnen beïnvloed worden door de temperatuur van de spieren. Doorgaans verbetert de prestatie van de spier bij iets warmere temperaturen. Ook kan daarmee het risico op blessures verminderd worden.

Bij een normale kamertemperatuur zijn de spieren, afhankelijk van de locatie en het deel van de spier, ongeveer 1-3 °C lager dan je kerntemperatuur (dus 34-36 °C). Met een actieve warming-up kan deze ongeveer 2-3 °C opgewarmd worden. Na een warming-up van 15-20 minuten lijkt de temperatuur van de spier te plafonneren. Een té hoge kerntemperatuur kan overigens ook weer negatieve effecten hebben op prestatie en gezondheid.

Een korte warming-up, met sport-specifieke oefeningen kan de prestatie dan ook verbeteren. Denk daarbij aan het duurvermogen, maar ook verbeteringen in het leveren van kracht en power. Om de ‘aerobe motor’ aan te zwengelen dient de warming up voldoende intensiteit te bevatten (boven de lactaatdrempel). De exacte duur, intensiteit en benodigde hersteltijd zijn waarschijnlijk sport-specifiek. Na de warming-up is het van belang dat je de spieren warm houdt.

Wil je meer informatie over het trainen voor jouw sportief doel? 
Download dan gratis onze trainingsgids. Hierin staat waaraan je moet denken en wat je kunt verwachten. 

Bronnen

  • MacDougall, D., & Sale, D. (2014). The physiology of training for high performance. Oxford University Press, USA.